Prinsjesdag 2015: maatregelen voor particuliere huishoudens

Wij leggen u in begrijpelijke taal uit welke wijzigingen de overheid voor particuliere huishoudens in petto heeft.


Belasting op inkomen (box 1) wordt minder. Midden inkomens hebben het meeste voordeel.

Uw loon wordt in box 1 belast in 4 schijven. Afhankelijk van de hoogte van uw loon wordt er belast in alleen de eerste schijf, tot maximaal alle 4 de schijven. In de hoogste schijf wordt het hoogte percentage belasting geheven.

De overheid heeft aangekondigd om met name de tarieven van de 2e en 3e schijf te verlagen. Daarnaast wordt de grens van de 4e schijf opgetrokken. 

Lagere inkomens profiteren hier niet van. Met name middeninkomens (tussen €20.000,- en €58.000,-) hebben hier voordeel van. De hoogste inkomens hebben een kleine meevaller.


Verlaging algemene heffingskorting. Meeste impact voor hogere inkomens.

Deze belastingvoordelen worden wel iets getemperd doordat de verlaging van de algemene heffingskorting versneld wordt ingezet. Vanaf 2016 is de heffingskorting nihil bij een inkomen vanaf €66.000,- of meer.


Inkomensafhankelijke combinatiekorting (voor werkenden met kind) verhoogd.

De inkomensafhankelijke combinatiekorting geldt voor belastingplichtigen die een kind onder 12 jaar hebben en een inkomen van minimaal €4.857,-.

Voor 2016 is een verhoging voorgesteld van de inkomensafhankelijke combinatiekorting. De korting bedraagt minimaal €1.033,- en maximaal €2.769,-.


Ouderenkorting hoger voor lagere en midden inkomens.

Belastingplichtigen die de pensioengerechtigde leeftijd hebben bereikt en een verzamelinkomen hebben dat lager is dan €35.770,- ontvangen €1.1.87,-(was €1.042,-). Bij een inkomen hoger bedraagt de korting €70,- (was €152,-).


Belasting bij afkoop lijfrente lager.

In sommige gevallen was de afkoopwaarde van een lijfrente lager dan de ingelegde premies. In die situaties werd er toch belasting geheven over de ingelegde premies. Dit wordt ongedaan gemaakt. Er wordt voortaan altijd belasting gegeven over de afkoopwaarde, ook al is deze waarde lager dan de ingelegde premies.


Belasting op vermogen/spaargeld (box 3) anders. Voordelig voor vermogens tot €300.000,-. 

Tot nu toe betaalde u in box 3 30% belasting over een verondersteld rendement van 4% op uw vermogen/spaargeld (indien u meer vermogen heeft dan €21.330,-). In de realiteit werden er vaak veel lagere rendementen over het vermogen behaald (erg lage spaarrente).

Voortaan wordt het verondersteld rendement niet meer op 4%, maar is dit  afhankelijk van uw totale vermogen middels 3 schijven:

  • Vermogen tot €100.000,-: 2,9% (was 4%)
  • Vermogen van €100.000,- tot €1.000.000,-: 4,7% (was 4%)
  • Vermogen vanaf €1.000.000,-: 5,5% (was 4%)

De percentages worden per jaar per schijf bepaald op basis van marktontwikkelingen.

Hierdoor wordt het belangrijker bij uw belastingaangifte om het vermogen handig te verdelen tussen uzelf en uw fiscaal partner!

Het heffingsvrije vermogen wordt verhoogd van €21.330,- naar €25.000,- per belastingplichtige per 1 januari 2017.


Later volgt voor u nog een overzicht van maatregelen die betrekking hebben op de eigen woning.

Uw vragen beantwoorden we graag! We staan voor u klaar.

© Assurantiekantoor Goossens BV. Hier vindt u onze algemene voorwaarden en onze disclaimer over het gebruik van deze website